Kort antwoord
Een vrijdragende kabelrups hangt zonder steun boven zijn onderste deel en past bij korte rijwegen en hoge snelheden. Bij langere rijwegen ligt het bovenste deel op het onderste en glijdt het in een geleidegoot. Waar de grens ligt, verschilt per type en hangt af van het gewicht van het kabelpakket.

Kies vrijdragend als je rijweg binnen de vrijdragende grens van het type blijft, en glijdend als hij daarbuiten valt. Bij een korte rijweg draagt de rups zichzelf en hangt het bovenste deel vrij boven het onderste. Wordt de rijweg langer, dan gaat het bovenste deel op het onderste liggen en glijdt het in een geleidegoot. Die keuze maak je als eerste, want hij bepaalt welke series en types in aanmerking komen.
Wat betekent vrijdragend bij een kabelrups?
Bij een vrijdragende opstelling draagt de rups zichzelf over de hele lengte. Het vaste punt zit meestal in het midden van de rijweg en het bovenste deel hangt vrij boven het onderste. De rups raakt zichzelf niet en heeft geen goot nodig.
- Geschikt voor: korte tot middellange rijwegen
- Voordelen: hoge snelheden en versnellingen, weinig contact en dus weinig slijtage, eenvoudige inbouw
- Grens: de maximale rijweg verschilt per type en wordt kleiner naarmate het kabelpakket zwaarder is
Een lichte doorhang is normaal. Wordt het pakket zwaarder of de rijweg langer, dan neemt de doorhang toe tot het bovenste deel op het onderste valt. Een rups die net te lang is om vrij te dragen, klappert en slijt. Daarover lees je meer in het artikel over een stille kabelrups.
Wat is een glijdende kabelrups?
Bij een glijdende opstelling ligt het bovenste deel op het onderste en glijdt het eroverheen. De rups loopt in een geleidegoot die hem zijwaarts op zijn plek houdt. Zonder goot wijkt een glijdende rups uit en loopt hij van zichzelf af.
- Geschikt voor: rijwegen van tientallen tot honderden meters
- Voordelen: veel langere rijwegen, ook met zware pakketten
- Aandachtspunten: lagere snelheden en versnellingen dan vrijdragend, een goot die recht ligt en goed is uitgelijnd, glijvlakken die slijten
Niet elke serie is gemaakt om op zichzelf te glijden. Voor lange rijwegen heb je een serie nodig met glijschoenen of een profiel dat daarvoor geschikt is.
Tot welke rijweg kan een kabelrups vrijdragend?
Dat staat per type in de gegevens van de fabrikant. Hieronder een paar voorbeelden uit ons assortiment, met de maximale rijweg en snelheid per opstelling.
| Type | Vrijdragend: rijweg | Vrijdragend: snelheid | Glijdend: rijweg | Glijdend: snelheid |
|---|---|---|---|---|
| UNIFLEX Advanced UA1455 | 4,8 m | 10 m/s | 120 m | 2,5 m/s |
| QUANTUM Q080 | 6,4 m | 25 m/s | 80 m | 3 m/s |
| M0950 | 7,4 m | 10 m/s | 260 m | 8 m/s |
| K0900 | 8,4 m | 8 m/s | 260 m | 2 m/s |
| TKHP90-R | geen gegevens | geen gegevens | 1500 m | 10 m/s |
Je ziet twee dingen. In onze gegevens komt geen enkel type vrijdragend verder dan 17,8 m rijweg, terwijl glijdend honderden meters haalt. En per opstelling verschilt ook de toegestane snelheid en versnelling. De UNIFLEX Advanced en de M-serie kunnen allebei, de TKHP is gemaakt voor lange glijdende rijwegen.
De waarden in de tabel zijn maxima. Met een zwaar pakket ligt de vrijdragende grens lager, en dicht bij een grens reken je liever een type zwaarder.
Hoe kies je tussen vrijdragend en glijdend?
- (01)Verzamel je gegevens: rijweg, snelheid, versnelling en het gewicht van het kabelpakket per meter.
- (02)Vergelijk met het type: past de rijweg binnen de vrijdragende grens, met de snelheid en versnelling erbij?
- (03)Past het: kies vrijdragend. Dat is de eenvoudigste en rustigste opstelling.
- (04)Net te lang: kies een zwaarder type met een grotere vrijdragende rijweg, of ondersteun de rups.
- (05)Ruim te lang: kies een glijdende opstelling met geleidegoot.
Die vergelijking hoef je niet met de hand te doen. De Kabelrups-configurator controleert per type rijweg, snelheid en versnelling voor beide opstellingen en valt types af die niet voldoen. Ben je nog aan het oriënteren, dan vraagt de keuzehulp op de kabelrupsenpagina naar de lengte van de verplaatsing: tot 5 m is meestal vrijdragend, boven de 50 m glijdend.
Zelf uitrekenenKabelrups-configuratorKabelrups berekenen, kiezen en samenstellenOpen de kabelrups-configuratorRekenvoorbeeld: hoe lang wordt de kabelrups?
Met het vaste punt in het midden is de lengte van de rups de halve rijweg plus de bocht (π × radius) plus twee schakels, afgerond naar boven op hele schakels.
Vrijdragend, 4 m rijweg. Een UNIFLEX Advanced UA1455 met radius 125 mm en steek 45,5 mm. Dan is de lengte 2000 + π × 125 + 2 × 45,5 = 2000 + 393 + 91 = 2484 mm. Op hele schakels wordt dat 55 schakels, dus 2502,5 mm. De inbouwhoogte is ongeveer 2 × 125 + 36 = 286 mm. De rijweg van 4 m blijft binnen de 4,8 m vrijdragend.
Glijdend, 60 m rijweg. Een M0950 met radius 200 mm en steek 95 mm. De lengte is 30.000 + π × 200 + 2 × 95 = 30.000 + 628 + 190 = 30.818 mm, afgerond 325 schakels of 30.875 mm. Vrijdragend gaat dit type tot 7,4 m, dus deze rups glijdt in een goot.
Wil je het voor je eigen situatie narekenen, gebruik dan de lengte van je kabelrups berekenen. Hoe je de radius bepaalt, lees je in kabelrups berekenen in zes stappen.
Zelf uitrekenenLengte kabelrups berekenenLengte en aantal schakels uit rijweg en radiusReken het uitWat als de rijweg net te lang is om vrij te dragen?
Soms valt de rijweg net buiten de vrijdragende grens. Dan zijn er drie routes. Je kiest een zwaarder type met een grotere vrijdragende rijweg, zoals de stap van M0650 (4,8 m) naar M0950 (7,4 m). Je ondersteunt de rups met een rol of steunarm, zodat de vrijdragende lengte toeneemt zonder dat je een goot nodig hebt. Of je gaat over op glijdend.
Welke route het beste is, hangt af van de ruimte in je machine, de snelheid en het gewicht. Dat rekenen we graag met je na.
Waar let je op bij een glijdende opstelling?
Een glijdende rups loopt zo goed als zijn goot. Bij storingen zien we steeds dezelfde oorzaken terug:
- Goot past niet: de goot moet passen bij de buitenbreedte van de rups. Te veel ruimte laat hem slingeren, te weinig laat hem klemmen.
- Meenemer niet in lijn: staat de meenemer niet midden boven de goot of op de verkeerde hoogte, dan trekt hij de rups scheef.
- Goot niet recht of niet doorlopend: naden en hoogteverschillen laten de rups haken.
- Serie niet geschikt voor glijden: zonder glijschoenen of een geschikt profiel slijt de rups snel.
Loopt je rups nu al uit de goot, kijk dan in de storingsgids voor een kabelrups die uit de goot loopt. Bij portaalkranen, havens en opslagsystemen met lange rijwegen is glijdend de normale opstelling. De TKHP is gemaakt voor lange verplaatsingen, met glijdende rijwegen tot 1500 m. Wisman verzorgt ook montage en installatie van rups en goot.

Veelgestelde vragen
Tot welke lengte is een kabelrups vrijdragend?
Dat verschilt per type en hangt af van het gewicht van het kabelpakket. In onze gegevens loopt de maximale vrijdragende rijweg van minder dan 1 m bij de kleinste types tot 17,8 m bij zware stalen types. In de configurator zie je per type of je rijweg vrijdragend kan.
Moet een glijdende kabelrups altijd in een geleidegoot?
In de praktijk wel. De goot houdt het glijdende deel op zijn plaats en voorkomt dat de rups zijwaarts uitwijkt of van zichzelf af loopt.
Is een glijdende kabelrups langzamer dan een vrijdragende?
Meestal wel. Per type zijn de toegestane snelheid en versnelling bij glijden lager dan bij vrijdragen, omdat het bovenste deel over het onderste schuift.
Welke kabelrups is geschikt voor een lange rijweg?
Voor lange rijwegen kijk je naar series die gemaakt zijn om te glijden. De TKHP gaat tot 1500 m, de M tot 350 m en de K tot 260 m.
Hoe lang wordt een kabelrups bij een glijdende opstelling?
Met het vaste punt in het midden ongeveer de halve rijweg plus π × radius plus twee schakels, afgerond op hele schakels. Bij 60 m rijweg is dat dus ruim 30 m rups.
Volgende stap
Reken het zelf uit of bekijk het assortiment. Wij controleren je uitkomst kosteloos.


Series bij dit onderwerp
Vraag over dit onderwerp?
Vraag het Joep direct
RMO Specialist bij Wisman Techniek





